WOUDENBERG Rik Dekker is 100 dagen wethouder in Woudenberg namens de PvdA/GroenLinks. ‘Ik ben fantastisch ontvangen door de Woudenbergers’, kijkt hij terug op zijn beginperiode. ‘Wat ik vooral heel mooi vind, is het ontmoeten en in gesprek gaan met inwoners, ondernemers en organisaties. Het echt leren kennen van Woudenberg.’
‘De (werk)bezoeken die ik tot nu toe heb afgelegd en kennismakingsgesprekken die ik heb gehad, dragen hier enorm aan bij.
Het persoonlijke contact geeft me veel energie en helpt mij straks ook bij het maken van goede keuzes. En ik nodig inwoners ook vooral uit om naar het inloopspreekuur van de wethouders te komen.’ Rik Dekker gaf een exclusief interview aan LetOp Woudenberg.
Rik Dekker is een jonge wethouder. Toch heeft hij al behoorlijk veel bestuurlijke ervaring. Hij is commissie- en raadslid in Lopik voor de PvdA geweest. Bovendien heeft hij als ambtenaar bij een ministerie gewerkt.
Ook was hij commissielid voor de PvdA in de Provinciale Staten van Utrecht. Zijn specialisatie was het onderwerp kleine kernen.
Over zijn motivatie om in de politiek te gaan, zegt hij: ‘Ik wil de wereld een klein beetje liever, eerlijker en mooier maken.’
Waarom wilde je wethouder worden?
Rik Dekker: ‘Ik ben raadslid en ambtenaar geweest. De overgang naar bestuurder is een prachtige nieuwe stap. Het ligt me goed en gaat soepeler dan ik had gedacht. Ik wil kijken of ik de wereld een klein beetje een mooiere plek kan maken. Mijn ervaring in diverse bestuurslagen gaan mij hierbij helpen.’
Kende je Woudenberg al voor je wethouder werd? En hoe kwamen ze bij jou terecht?
Rik Dekker: ‘Woudenberg kende ik van naam, maar het dorp zelf kende ik niet. De PvdA heeft een lijst samengesteld van geschikte kandidaten, die beschikbaar zijn als wethouder en daarop stond ook mijn naam.
In het voorjaar werd ik benaderd door de fractie van PvdA/GroenLinks met de vraag of ik wilde solliciteren. En ik stond daar eigenlijk meteen positief tegenover. Het voordeel van Woudenberg vind ik dat er één kern is. En daar kunnen wij onze aandacht helemaal op vestigen. Dat is in Lopik, waar ik vandaan kom en 9 jaar raadslid ben geweest, wel anders.
Nadat ik was benaderd, ben ik wel snel een kijkje gaan nemen in Woudenberg. Het eerste wat mij opviel, is dat het dorp de zaken goed voor elkaar heeft. Zelfs meerdere supermarkten rijk.
En zo zag ik steeds weer iets en dacht: kijk, dat hebben ze ook! Heel bijzonder.’ Rik Dekker bedoelt onder meer het Cultuurhuis. En laat dit nou ook precies in zijn portefeuille zitten. Maar hierover wil de wethouder nu niet veel kwijt.
‘Er loopt een onderzoek naar de toekomst van het Cultuurhuis. En op dit moment worden er, door een extern bureau, twee scenario’s verder uitgewerkt met plannen om te laten zien wat de kosten zijn en hoe we die kunnen betalen.
Op donderdag 17 oktober jl. presenteerden wij tijdens een raadsinformatieavond de stand van zaken. Deze avond was niet alleen voor raadsleden, maar ook inwoners waren van harte welkom.
Terugkomend op de vraag; de komende maanden wil ik natuurlijk nog veel meer van het dorp zien, meemaken en ontdekken. En ik roep inwoners vooral op om gebruik te maken van het inloopspreekuur van de wethouders. Deze vindt iedere eerste maandag van de maand plaats van 18.30-19.30 uur.’
We hebben nu een minister-president die zijn hele leven ambtenaar is geweest. Dat blijkt een heel andere rol dan bestuurder.
Rik Dekker: ‘Ja, dat klopt. En wethouder worden is best een verandering van rol. Van volksvertegenwoordiger en ambtenaar naar bestuurder die perspectieven moet verbinden. Het is echt een fantastische ervaring tot nu toe. Het is een grote verantwoordelijkheid, die ik met beide handen aangrijp, waarbij ik mij enorm gesteund voel door mijn collegeleden en het ambtelijke team.
Het contact met de inwoners en het werken aan concrete oplossingen voor Woudenberg geeft mij veel energie. Ik leer veel en het voelt goed om daadwerkelijk bij te kunnen dragen aan verbeteringen die ook echt merkbaar zijn. Al met al bevalt de eerste periode ontzettend goed en ik kijk ernaar uit om de komende tijd verder aan de slag te gaan.’
Je kent mensen bij de provincie. Is dat een voordeel?
Rik Dekker: ‘Ja, dat is zeker handig. Ik ken de weg en de mensen. Dit draagt bij aan het functioneren als een belangrijke schakel tussen de provincie en de gemeente. Zo kan ik bijvoorbeeld een gedeputeerde een appje sturen. Dan denkt die niet: Wie is die Rik Dekker? Ik krijg antwoord en kom gemakkelijker aan tafel. En dat is goed voor Woudenberg.’
Je hebt je ingezet voor de belangen van kleine kernen. Waar komt die belangstelling vandaan?
Rik Dekker: ‘Lopik is niet zo groot en Woudenberg ook niet. De leefbaarheid van kleine kernen is belangrijk. Daarvoor zijn voorzieningen een voorwaarde. De aanwezigheid van onder meer scholen en winkels is van vitaal belang. En die zijn er in Woudenberg gelukkig voldoende. Dit biedt belangrijke mogelijkheden voor sociale ontmoetingen. Scholen organiseren van alles en nog wat, zoals sportdagen en ouderavonden. Hier kunnen gezinnen elkaar ontmoeten. En neem ook het Cultuurhuis. Dit biedt gemeenschappelijke ruimtes waar verschillende activiteiten worden georganiseerd en dit moedigt inwoners aan om samen te komen. Deze ontmoetingen zorgen niet alleen voor meer sociale verbondenheid, maar versterken ook het gevoel van samenhorigheid. Dat is een goede zaak.’
Heeft de provincie voldoende belangstelling voor de leefbaarheid in kleine kernen?
Rik Dekker: ‘Er heerst soms het gevoel in kleinere kernen dat meer aandacht en middelen naar grote steden gaan zoals Utrecht en Amersfoort. Dorpen hebben de neiging om zich soms kleiner te maken dan nodig is. Onder het mom van: we worden toch niet gehoord. Met goede plannen en een stevige onderbouwing kun je ook veel bereiken. Dat ga ik in ieder geval proberen!’
De opvang van asielzoekers zorgt op dit moment in het kabinet en de rest van het land voor veel discussie. Rik Dekker moet een beleid voor Woudenberg ontwikkelen. ‘Nadat de oorlog in Oekraïne begon, heeft Woudenberg vluchtelingen opgevangen. Dat was bovengemiddeld. Ik vind dat bijzonder goed en bewonderenswaardig.
We moeten ons inzetten om asielzoekers en statushouders binnen onze vermogens op te vangen. We nemen onze verantwoordelijkheid en hebben, net als andere gemeenten, onze wettelijk plicht als het gaat over opvang van asielzoekers. We kunnen tenslotte niet alleen Ter Apel de problemen op laten lossen.’
Het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) heeft bepaalde voorwaarden gesteld aan de opvang van asielzoekers. Kan Woudenberg aan die normen voldoen?
Rik Dekker: ‘De situatie rondom de opvang van asielzoekers in Nederland is zorgelijk en vraagt om een gezamenlijke inspanning van alle gemeenten in Nederland om tot een oplossing te komen.
Zoals ik net aangaf, nemen wij onze verantwoordelijkheid ongeacht de onzekerheid over de toekomst van de Spreidingswet. Wij hebben op dit moment geen asielopvanglocatie, maar zijn druk bezig met de voorbereidingen van werkzaamheden die voortvloeien uit de Spreidingswet.
Waarom doen we dit? Dit doen wij om humanitaire redenen en uit solidariteit naar collega-gemeenten die al langere tijd deze taak op zich nemen. En zoals gezegd, hebben gemeenten met de Spreidingswet de wettelijke taak om opvangplekken voor asielzoekers te realiseren. Woudenberg moet, volgens de huidige taakstelling, 94 asielplekken bieden.
En naast deze wettelijke taak vinden wij het belangrijk om met elkaar toe te werken naar een landelijk meer duurzame asielketen.’
Je bent de opvolger van Moniek van de Graaf. Zij vertelde me dat ze als wethouder het verschil kan maken. Heb jij die ervaring ook?
Rik Dekker: ‘Jazeker, dat merk ik bijvoorbeeld bij het minimabeleid. Mijn voorganger heeft het beleid geëvalueerd en op basis van die bevindingen zijn we aan het kijken wat en hoe wij verbeteringen kunnen doorvoeren. Hierin kan straks voor bepaalde groep(en) inwoners echt een verschil worden gemaakt.
Concreet kan ik al aankondigen dat ik eind deze maand een contract onderteken met zorgverzekeraar Menzis voor de introductie van een zogenoemde Gemeentepolis. Dit is een zorgverzekering die speciaal is ontwikkeld voor inwoners van Woudenberg met een laag inkomen. De GemeenteZorgPolis biedt meerdere voordelen en aanvullende vergoedingen. Om dit initiatief bekend te maken, wordt er op een later moment uitgebreid aandacht aan besteed via verschillende communicatiekanalen. Inwoners die momenteel gebruik maken van minimaregelingen worden persoonlijk geïnformeerd.
Daarnaast wordt hier ook gemeentebreed over gecommuniceerd om ook inwoners te bereiken die op dit moment geen gebruik maken van een of meerdere minimaregelingen, maar hier mogelijk wel voor in aanmerking komen. En voor wie hulp nodig heeft bij het overstappen naar deze zorgverzekering, worden er voor het einde van het jaar overstapspreekuren georganiseerd.
De gemeente wil transparant zijn over de maatregelen en ondersteuning die beschikbaar is.’
Op de vraag wat een belangrijke reden kan zijn waarom inwoners terughoudend zijn om hulp te vragen, bij bijvoorbeeld vragen over hun inkomen, antwoordde de wethouder: ‘Dit heeft vaak te maken met een gevoel van schaamte of angst. En ik gun inwoners echter dat ze zich veilig voelen om die hulp wel te vragen, zonder een drempel te ervaren. Dit vraagt van ons, zowel als gemeente, maar ook als gemeenschap, dat we een open en begripvolle houding aannemen. Door echt te luisteren en een sfeer van vertrouwen te creëren, kunnen we inwoners helpen om zich open en kwetsbaar op te stellen.
En één van de verbeteringen uit de evaluatie die wij momenteel onderzoeken is het digitaliseren van de aanvraagprocedures voor minimaregelingen bij De Kleine Schans. Dit kan niet alleen eenvoudiger en sneller, maar zorgt er ook voor dat inwoners laagdrempelig aan de bel kunnen trekken. Hulp vragen is een kracht, geen zwakte en daar moeten we als samenleving duidelijk over zijn.’
Wat is je de eerste 100 dagen meegevallen?
Rik Dekker: ‘De ontvangst door de inwoners en de ambtenaren. Ik ben in de zomer begonnen, dus door het reces was mijn agenda nog niet heel vol gepland. Maar intern heb ik wel kennisgemaakt en mezelf veel ingelezen op dossiers.
We hebben een enthousiast en professioneel team. Met elkaar willen we de handen uit de mouwen steken en zaken voor elkaar krijgen.
Ik ben nu 100 dagen onderweg als wethouder en ik merk dat ik me steeds meer kan verdiepen in de inhoud. De eerste fase van wennen en kennismaken ligt achter me, waardoor ik nu volop kan focussen op de echte vraagstukken en uitdagingen!’
‘Hulp vragen is een kracht, geen zwakte.’
‘Ik kan nu volop gaan focussen op de echte vraagstukken en uitdagingen!’
door Gerhard te Winkel




0 reacties